MET DE BEENSTUKKEN NOG AANfoto 1
Verkenningen met betrekking tot vorm - deel zoveel
Tijdritcompetitie Zuid-Holland, Puttershoek

Wat is vorm? Vorm; de ongrijpbare spil waarom het hele wielrennen lijkt te draaien. Het blijft me fascineren. Zoals iedere renner heb ik al meerdere pogingen ondernomen om het ongrijpbare fenomeen vorm onder woorden te brengen. Allemaal even vruchteloos natuurlijk, maar toch, wanneer de resultaten beter worden bekruipt je soms het gevoel dat je er vat op krijgt. Op je vorm.

Welnu: vorm is geluk. Of nee, niet alleen geluk, het is ook focus. En het is zelfvertrouwen. Het is dat ene moment dat allerhande ogenschijnlijk onbetekenende details op hun plek vallen. Of het is het geluk dat dat gebeurt. Het is de focus die nodig is om het te laten gebeuren. En het vertrouwen dat de vorm überhaupt komt - ooit op een mooie dag.

3 mei 2009: de Shimano Fietschallenge. Ik wilde er alles voor doen om die dag in vorm te zijn. Ik had de winter zo goed en zo kwaad als het ging doorgetraind, vanaf maart het aantal trainingsuren opgevoerd, een trainingskamp in Frankrijk belegd, lange uren in de polders van Zuid-Holland gemaakt, trainingkoersjes gereden met extra training voor- en achteraf. Maar dan nog. Dan nog moet je in de laatste week niet verkouden zien te worden, jezelf tot rust dwingen, op tijd aan de start verschijnen, weldoorgevoed en uitgeslapen, niet lek rijden, onderweg bidons aangereikt krijgen.

Allemaal zaken waar je zelf nauwelijks iets over te zeggen hebt. Om een voorbeeld te geven: 22 april reed ik een tijdrit in Puttershoek. Alles leek mis te gaan. De dag ervoor te veel energie verspild in een trainingskoersje, te laat van huis vertrokken (direct op de tijdritfiets), geen rollenbank bij me om warm te rijden en tot overmaat van ramp stond er bij de inschrijving ook nog eens een wachtrij tot buiten. Tijdritje op woensdagavond, wie komt daar nou op af, had ik nog gedacht. Nou, 150 renners dus, variërend van nieuwelingen tot elite-dames. Dat betekende dat ik ruim 2,5 uur moest wachten tot de start. En dat alles voor een ritje van nog geen halfuur.

Maar op wonderlijke wijze – ik was dus blijkbaar in vorm – kwam alles op het laatste moment toch nog goed. Ploegleider Raijmond van mijn club (wielerlploeg De Mol) verscheen op het juiste moment om het rugnummer op mijn snelpak op te spelden (probeer dat zelf maar eens als je je snelpak al aan hebt!), ploeggenoot Giancarlo Brand kende de Hoekse Waard op z'n duimpje zodat we nog een uurtje ontspannen konden inrijden en – de belangrijkste toevalligheid van de dag – ik keerde exact een minuut voor mijn start terug bij het clubhuis, zodat ik toch nog warm aan mijn tijdrit kon beginnen – zij het met mijn beenstukken nog aan. Natuurlijk had ik mijn starttijd wel bij benadering berekend, maar door uitvallers bleek mijn start bijna 10 minuten vervroegd. Een duidelijk geval van vorm is geluk.

Op mijn afgedankte Colnago jakkerde ik als een bezetene mijn zes rondjes af en meldde me ergens in minuut 29 aan de finish. Het voelde niet slecht - de renners die ik inhaalde leken wel stil te staan - en ook ploegleider Raijmond zag dat het goed was. Even droomde ik mezelf op het podium, maar met een dikke minuut op mijn zelf geklokte tijd beloonde de organisatie mij 's anderendaags met een zesde plaats. Het was de tweede keer dat ik in een tijdrit een (althans volgens mijzelf) verkeerde tijd toegeschreven kreeg, maar ik besloot me er maar niet al te druk om te maken. Misschien had ik het advies van tijdrijder Arjen Bos moeten opvolgen, die me een keer toevertrouwde dat hij zijn tijden zelf allang niet meer bijhoudt omdat dat toch maar tot frustraties leidt. Valt dat ook onder vorm?

Bekijk hier de uitslag